Sorry, ik heb niet al het bovenstaande over cellen in detail gelezen. Cheryl constateert dat steunsels voor een hoop ellende zorgen, dit in tegenstelling tot stromingen in de barefoot wereld waar men de theorie hanteert dat steunsels zoveel mogelijk met rust gelaten moeten worden.
Persoonlijk denk ik niet dat hoorn precies weet wanneer het moet stoppen met groeien. Dat zou wel handig zijn want dat zou betekenen dat we nooit meer zouden hoeven trimmen

. Zowel hoefwand als steunsels 'weten' niet wanneer ze moeten stoppen met groeien. Het systeem weet niet wanneer het aanmaken van hoorn positief is voor het paard en wanneer het tot problemen gaat leiden.
Steunsels kunnen op verschillende manieren in- en overgroeien. Hoeven met van nature rechtopstaande steunsels kunnen als ze te lang worden gelaten diep naar binnen toe gedrukt worden en daar problemen veroorzaken voor het straalkussen en de rest van de structuur van de achterkant van de hoef.
Steunsels van andere typen hoeven hebben de neiging juist voorwaarts over de zool te groeien langs de straal, richting de punt van de straal en/of zijwaarts richting de hoefwand en over de zooldriehoek (seat of corn). De zool kan met dit hoorn vollopen, plat worden en kwartierflare veroorzaken. De overgroeide steunseltubules drukken de hoornzuiltjes van de zool plat en opzij en verstoren de groei en functie van de zool. In veel gevallen zie je, als je het overgroeide hoorn verwijdert, dat de onderliggende zool roze is, een teken dat er kneuzingen hebben plaats gevonden.
Wat er ook kan gebeuren is dat ongepigmenteerde steunsel hoorntubules zich verweven tussen de hoornzuiltjes van de zool zelf. Cheryl doet veel kadaversecties en heeft speciale larven die wel het zool hoorn opeten maar het steunselhoorn niet. Op die manier wordt mooi zichtbaar gemaakt hoe (zeker in witte hoeven) het moeilijk zichtbare, hardere type steunselhoorn, dat in het zoolhoorn heeft gezeten, soms jarenlang het zachtere hoorn van de zool heeft verstikt en geplet en heeft voorkomen dat de zool goed kon groeien, vereelten en de voet beschermen.
Er zijn natuurlijk ook paarden die weinig tot geen last van hebben van overgroeiende en ingroeiende steunsels, en dat is fijn & handig. Maar er zijn ook paarden die steeds weer onverklaarbaar gevoelig zijn en die enorm gebaat zijn bij het geduldig verwijderen van dit verkeerde type, inflexibele hoorn van de zool.
Wat ik tot nu toe van Cheryls werk heb gezien en gelezen denk ik dat haar informatie een interessante aanvulling kan zijn op wat we al doen om paarden te helpen. Het betekent niet dat je nu onder elke hoef die je tegenkomt rigoreus de steunsels eruit moet gaan bikkelen. Het betekent wel een meer diepgaand en gedetailleerd inzicht in de opbouw en de inwerking van de verschillende hoorntypen, welke functie ze hebben en wat er verkeerd kan gaan. Als je dit kunt herkennen en weet wat je eraan kunt doen heb je wellicht weer nieuwe 'pijlen in je koker' om op diverse hoefproblemen af te vuren.